Tagarchief: Nederlandse standaardtaal

Ode aan het West-Vlaams: Marijke Pinoy leest Guido Gezelle

Wordle: Untitled

De VRT  TV serie “Het goddelijk monster,” naar het boek van Tom Lanoye, heeft stof doen opwaaien omdat de acteurs West-Vlaams spreken.  De enen zijn hiertegen omdat het “dialect” zou zijn en dat zogezegd niet echt mag op nationale TV.  De anderen vinden dan weer dat de acteurs niet goed genoeg West-Vlaams spreken.

Als grote liefhebber van het West Vlaams ben ik zelf blij dat er eindelijk eens een TV serie is waarin die streektaal aan bod komt. En, hoed af (chapeau), aan de acteurs.

Het is tijd dat men in Vlaanderen eens ophoudt met dat eeuwige zinloze, kleinzielige gebekvecht over de dialecten en of West Vlaams al dan niet verstaanbaar zou zijn voor mensen uit andere provincies.  Laten we blij zijn dat onze dialecten nog niet helemaal uitgestorven zijn.  En laten we dialect niet langer gelijkschakelen aan “onbeleefdheid,” “ouderwets” of “boersheid.” Te lang zijn die negatieve labels gebruikt in dienst van de AN brigade.  Trouwens, wie moeite doet en open staat voor het West-Vlaams is vlug mee. En het loont alleen al de moeite naar de muzikaliteit van de klanken te luisteren.

Om daarin te oefenen, kan u hier luisteren naar actrice Marijke Pinoy, die haar lievelingsgedicht voorleest: “Er viel ‘ne keer” van Guido Gezelle. Op onderstaand filmpje leest Pinoy het gedicht voor in het West-Vlaams en noemt ze het aansluitend, wanneer ze terug op het AN is overgeschakeld, een schoon gedicht. Schoon in het AN, ja dat kan. Want,  waarom zouden nederlandstalige Belgen het bovengewestelijke Zuid-Nederlandse adjectief “schoon” niet meer mogen gebruiken? Schoon is gewoon het adjectief dat bij schoonheid hoort en het is dus eigenlijk niet nodig massaal “mooi” te gaan zeggen om taalzuiveraars die het Zuid Nederlands uit het AN houden te plezieren.

http://www.poeziecentrum.be/marijke-pinoy

Advertenties

Reacties staat uit voor Ode aan het West-Vlaams: Marijke Pinoy leest Guido Gezelle

Opgeslagen onder Uncategorized

De Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde

Wordle: Untitled

Vandaag een merkwaardige opinie in de Standaard.  Er staat te lezen: “De Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde viert dit weekeinde haar 125ste verjaardag. Bij die gelegenheid breekt ze een lans voor goed taalgebruik.”

Maar, wie de naam “Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde” googelt, merkt al vlug dat er zo geen academie met die officiële naam blijkt te bestaan.   Na enig googelen besef je dat dit opiniestuk uitgaat van de “Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde” (officiële afkorting: KANTL), die dit weekeinde in Gent haar 125ste verjaardag viert.

Dat is wel zéér merkwaardig: de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde schrijft een opiniestuk waarin ze pleit voor één Nederlandse standaardtaal, maar presenteert zich in een gezaghebbende krant als “Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde.” Tenzij de verkeerde naam van de academie het gevolg is van een journalistieke fout, gaat het hier om een merkwaardige naamsverandering. Wat is daar de bedoeling van, zo zou men zich kunnen afvragen?

Ook de inhoud van het opiniestuk, genaamd “Standaardtaal blijft de norm,” heeft heel wat punten die voor discussie en kritiek vatbaar zijn.

Zo schrijft de academie het volgende over de Nederlandse standaardtaal:

Toch is het de overtuiging van de Academie dat anno 2011 in Vlaanderen één variëteit van het Nederlands steun kan gebruiken: die van de standaardtaal.

Die standaardtaal kan niet altijd meer rekenen op de steun en de zorg van de spraakmakende groepen die de verantwoordelijkheid hebben haar in de openbare ruimte uit te dragen.

Op het einde van de negentiende eeuw koos de Vlaamse beweging voor de standaardtaal zoals die in Nederland werd gesproken en geschreven. Ze had weinig andere keuze dan juist deze variëteit tegenover het dominante Frans naar voren te schuiven en te handhaven.

Ook deze blog ijvert voor de standaardtaal, maar erkent dat er variaties zijn in deze standaardtaal zoals die gebruikt wordt in Nederland en België. Daar is niets mis mee en deze situatie is geheel vergelijkbaar met het Engels of het Duits, om maar twee voorbeelden te noemen: de Amerikaanse en Britse standaardvarianten van het Engels verschillen vrij grondig van elkaar, ook het Duits uit Duitsland en Oostenrijk kennen zeer veel variatie. En toch wordt noch van Engelsen noch van Oostenrijkers verlangt dat ze de variant uit het andere land zo goed als volledig overnemen.

Bovenstaande weergave van de geschiedenis van de Nederlandse taal in de Zuidelijke Nederlanden gaat dan ook wel erg kort door de bocht, want de academie veronderstelt dat het Nederlands uit Nederland als enige standaardtaal zo goed als integraal dient te worden overgenomen in België.  Het is vreemd dat de academie niet van het Zuid Nederlands en het Noord Nederlands gehoord schijnt te hebben -de twee regionale varianten van de Nederlandse standaardtaal – en er in ieder geval in haar opiniestuk in de Standaard geen gewag van maakt.

Dat is eigenlijk niet verwonderlijk: de academie staat voor de visie dat er maar één standaardtaal is en dat die eigenlijk uit Nederland komt, zo kunnen we uit het opiniestuk besluiten. Verder verwijst de academie in haar Standaard opiniestuk evenmin naar de Taalunie van 1980 -het taalakkoord tussen Nederland en Vlaanderen-  dat cruciaal is in het promoten van de idee dat er maar één Nederlandse standaardtaal is (met een heel klein beetje variatie voor België genaamd Belgisch Nederlands). Deze blog ondersteunt het belangrijke werk dat de Taalunie doet, bv. om de positie van het Nederlands als wereldtaal te bevorderen, maar heeft niettemin problemen met “die éne Nederlandse standaardtaal,” een visie die ondertussen dominant is geworden bij beleidsvoerders, taalzuiveraars en woordenboek makers.   Voorstanders van deze visie vinden bv. dat “kleed” geen AN is, omdat er in Nederland “jurk” gezegd wordt. Ook al zeggen miljoenen nederlandstalige Belgen van Oostende en Brussel  tot in Hasselt “kleed,” het wordt door hen als “géén standaardtaal” gebrandmerkt omdat het woord zo niet door de spraakmakende gemeente van Nederland gebezigd wordt.  Recent wordt in sommige taalkundige middens toegegeven dat zo’n standpunt “hollandocentrisch” en achterhaald is en men kan zich afvragen waarom het opiniestuk in de Standaard daar geen blijk van geeft.

Het netto resultaat van deze visie is dat het Zuid Nederlands, het bovengewestelijke Nederlands dat in België gebruikt wordt en dat géén dialect is, langzaam maar zeker verdwijnt. Wie gezaghebbende kranten erop naslaat, ziet dat ze  “jurk” drukken waardoor het Zuid-Nederlandse “kleed” uit de geschreven en gedrukte éne standaardtaal gehouden wordt. En zo zijn er legio voorbeelden, gedocumenteerd op deze blog.

Deze blog ijvert voor de standaardtaal maar stelt dat er twee varianten van die Nederlandse standaardtaal zijn: de Noord-Nederlandse en de Zuid-Nederlandse. Deze blog ijvert voor de erkenning van de gelijkheid van en verschillen tussen het Zuid- en Noord Nederlands, precies zoals Amerikanen en Engelsen twee verschillende Engelsen bezigen die evenwaardig en toch verschillend zijn.  Concreet uitgedrukt betekent dat dan dat “kleed” en “jurk” gewoon twee standaardtalige synoniemen zijn die naast elkaar mogen bestaan. Deze blog heeft daarmee geen enkele nationalistische bedoeling, maar ijvert voor de gelijke erkenning van Noord en Zuid Nederlands op taalkundige gronden en omdat een “hegemonisch” taalmodel in de 19de en niet meer in de 21ste eeuw thuishoort.

Spijtig genoeg is het standpunt dat de academie vandaag in de Standaard zet  het bekende  en o.i. achterhaalde “er is slechts één Nederlandse standaardtaal,” met name, die uit Nederland (in taalkundige terminologie het Noord Nederlands).

Rest de vraag waarom de academie zich in de Standaard “Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde” noemt i.p.v. haar eigen officiële naam te voeren:  “Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde.” Als de academie zo’n voorstander is van die éne Nederlandse standaardtaal, waarom dan de verwijzing naar het Nederlands in haar eigen naam schrappen in een prominent artikel in De Standaard?  En waarom “koninklijk” laten vallen? Is de academie van plan haar naam te wijzigen of gaat hem om een journalistieke fout die dient te worden rechtgezet?

Een uiterst markant optreden van deze academie op haar 125ste verjaardag.

De officiële website van deze academie vindt u hier: http://www.kantl.be/index.php?pag=48&item=451

http://www.kantl.be/index.php?pag=48&item=452

Het opiniestuk van de academie in de Standaard vindt u hier: http://www.standaard.be/artikel/detail.aspx?artikelid=0A3G4H56

Reacties staat uit voor De Vlaamse Academie voor Taal- en Letterkunde

Opgeslagen onder Uncategorized